Studiedagen

Verslag studiedag SCGN met Ton Koopman

10 februari 2018: Bach

Twee deelneemsters hebben een verslag gemaakt van deze studiedag waarin Ton Koopman J.S.Bach centraal heeft gezet.

“Toen ik het programma voor die dag onder ogen kreeg, zag ik dat ik als tweede zou optreden, na Ondrej Bernovsky, een professional.
Ik heb hem onmiddellijk opgezocht op internet een daar vond ik ettelijke filmpjes van hem met optredens, solo of met anderen. Het was duidelijk dat hij een zeer ervaren uitvoerder was. Ik heb de filmpjes niet durven bekijken en beluisteren uit angst dat hij zo goed zou blijken te spelen dat de moed mij in de schoenen zou zinken.
Maar ik ben dubbel zo hard gaan studeren. Ik speel vooral continuo, in een aantal ensembles. Nu was ik gedwongen om heel precies naar de noten, de rusten, het wel of niet laten liggen van tonen, wel of niet trillen, op welk klavier enz. te kijken.
Dus voordat ik de les van Ton kreeg, had ik al het een en ander geleerd. En toen ik eenmaal achter het prachtige klavecimbel van Ton zat, bedacht ik: wat kunnen die 140 ogen en oren uit de zaal mij maken ? Ik wil gewoon lekker spelen.”

Ton Koopman heeft een veel interessante feiten verteld over Bach en zijn werk in de inleiding.
Hieronder volgen ze:
Welke muziek is van écht Bach? Of is een bepaald stuk misschien van een van zijn leerlingen? Deze vraag is zeker terecht bij zijn vroege werken.
Er zijn meerdere handschriften en ook gedrukte versies.

Welk instrument moet of kun je gebruiken? Op welk instrument werd gespeeld ?
Twee-klaviers instrumenten waren in Bachs tijd alleen voor de rijken. Bach beschikte er wel over, maar in zijn tijd speelden de minder draagkrachtigen op een spinet of een klavichord en ook wel op een klavecimbel maar dan op een éénmanualig instrument.
In die tijd hadden organisten, die er tegen op zagen om in de onverwarmde kerk langdurig te studeren, nogal eens een pedaal-klavichord.

Wat is het ideale Bach-klavecimbel ?
Volgens vorige generaties was dat een instrument met een16-voets register. Een Duits instrument ? Een Mietke ? Import ? We weten het niet.
Veel kopieën klinken in ieder geval niet zoals Bach de originelen hoorde. Bach bezat wel een 16-voets register op een van zijn instrumenten, want we weten dat hij er een verkocht heeft.
Vrije stukken klinken goed met een 16-voets register, maar een fuga niet.

Kun je Bach spelen als Bach? Koopman: ‘Dat is ijdele hoop. Het is denkbaar om in de buurt van Bachs studenten te komen. Stap dus in de schoenen van een student uit de 18e eeuw en hoop dan maar dat Bach het niet slecht vindt!”

Tot slot nog een leuke uitspraak van hem: “Ik vind het vervelende van een klavecimbel dat de toon snel weg is. Ik vind het vervelende van een orgel dat de toon blijft hangen. Maar ik houd van beide.”

Willemien de Haan en Inge Paalman
Bewerkt door Truus Pinkster (red. Het Clavecimbel)

TON KOOPMAN

Ton Koopman leidt de studie BACH dag op 10 februari 2018

leidt de studie – BACH – dag op 10 februari 2018

Lutherse Kerk, Hamburgerstraat 9, Utrecht
10.30 u. – ca. 17.30 u. (v.a. 10 u. koffie)

Deelname actief/passief €25, voor vakstudenten gratis
Opgave (bij actieve deelname het te spelen stuk vermelden):
mailto:ruud@pilon.nl
Er is plaats voor drie (gevorderde) amateurs en drie vakstudenten.

Qua vorm een ‘gewone’ studiedag
Qua inhoud een heel bijzondere
Wees erbij!

NB mogelijk krijgt de dag een ‘thema’ en komen er daarmee speciale wensen voor de te spelen stukken.
Indien zo, dan staat dat uiterlijk vlak voor kerstmis op deze site.

 

Het is ons een enorme eer dit te kunnen kondigen.
Ton Koopman is immers een van de allergrootste clavecinisten.
Maar ook de man die van zichzelf zegt: ‘Ik ben een leraar, ik kan het niet laten’
Hij draagt de SCGN een warm hart toe. Niet voor niets is hij al vanaf de oprichting beschermheer van onze stichting.

Het is een unieke gelegenheid om deze maestro een dag lang van zo dichtbij mee te maken: hem bevlogen te horen vertellen, graantjes mee te kunnen pikken van zijn immense kennis, zijn inspiratie te voelen en ook om, in de openbare lessen, zijn visie te horen en zijn didactische aanpak mee te maken, en, last but surely not least, om hem te horen.

 

Verslag Scarlatti studiedag 21 oktober 2017

Deze keer stond Domenico Scarlatti (1685 -1757) in de schijnwerpers en lieten zowel Edoardo Valorz als Vaughan Schlepp hun muzikale licht schijnen over de muzikale bijdragen van de uitstekend voorbereide deelnemers.
Locatie was de Doopsgezinde kerk in de Zwolse binnenstad: een klein intiem kerkgebouw uit de 19de eeuw. Er was een prachtig Italiaans klavecimbel van de firma Klop. In de vertrouwde, gemoedelijke sfeer opende Carolien Eijkelboom en trad zoals gebruikelijk op als een soort dagvoorzitter.
Edoardo, Italiaan en wellicht besmet met het Scarlatti-virus, gezien het enthousiasme waarmee hij over Domenico sprak, is klavecinist, organist en musicoloog. Hij studeerde o.a. bij Ton Koopman en is organist in de San Domenico te Fiesole, vlakbij Florence.
Als eerste kreeg hij het woord, voor de inleiding. Behalve enthousiasme sprak daar een grote kennis uit waarmee hij het interessante artikel dat hij in Het Clavecimbel publiceerde nog verder uitdiepte. Scarlatti’s loopbaan, zijn inspiratiebronnen en hoe en waar die in de sonates te herkennen, zijn omgeving, de mate waarin en manier waarop hijzelf inspiratiebron was, het kwam allemaal aan de orde (Domenico Scarlatti – Het zingende klavecimbel – 2017, najaar).
Na de inleiding volgden de lessen. Edoardo, eerst bijgestaan door Carolien, later door Vaughan, bleek een uitstekende leraar, al bleek hij (nog) niet gewend om behalve één leerling een hele groep geïnteresseerden bij de les te betrekken. Hij had technische aanwijzingen (van hand- en zithouding, via constatering van bepaald verkeerd spiergebruik tot analytische tips met suggesties voor uitvoering daarvan en – soms algemene - ideeën over vingerzetting), hij noemde algemene stijlkenmerken (denk aan dansen, aan Spaanse gitaren of aan de opera’s van o.a. zijn vader) en gaf ook suggesties voor interpretaties van Scarlatti’s notatie, zoals zijn gebruik van fermates. Alle leerlingen, vakstudenten en amateurs ontspanden zich makkelijk bij hem.
Eduardo Valez eindigde, zoals gebruikelijk, met een prachtig klein recital waarin hij het mooie instrument werkelijk liet zingen zowel in wat meer cantabile delen als in vluggere sonates.
En daarmee liet hij horen wat hij zelf de hele dag onderwezen had. Wat ook de bedoeling is van dit recital aan het eind van zo’n studiedag.

Samengesteld door de redactie uit verschillende reacties